Na
een heerlijke nacht werden we om 7 uur
wakker en zijn we direct opgestaan. Eerst even gewassen en vervolgens
de
spullen gepakt en alvast in de auto gezet. Een klein uurtje later zaten
we al
aan het ontbijt. Vandaag hadden we een keuze menu. We konden kiezen uit
drie
verschillende ontbijten. Ik had gekozen voor de French
toast,
dat was een dikke witte boterham gebakken in een ei.
Jeroen had de cereal en toast
genomen. Smaakten beide heerlijk. Na het ontbijt snel de tanden
gepoetst en
afscheid genomen van ons gastgezin.
Kwart
voor 9, lekker op
tijd, vertrokken we naar de Skunk Cabbage
Boardwalk in het Revelstoke
Nationaal Park. De wandeling was 1,2 kilometer lang en was
helemaal over
een houten vlonder (boardwalk). Het
eerste gedeelte ging door het bos, maar daarna kwamen we aan bij het
moerassige
gebied waar het
eigenlijk om ging. In dit gebied schenen bevers, bisamratten en
veel verschillende soorten vogels te leven, maar bevers en ratten
hebben we helaas
niet gezien wel een aantal mooie vogels (zoals de Song
Sparrow en de Stellers
Jay). Op de
verschillende uitkijkplatforms
stonden houten borden met informatie over dit gebied. Naarmate we
verder in het
moerasgebied kwamen, zagen we eindelijk de plant waaraan deze wandeling
zijn
naam dankt, de Skunk Cabbage, een
stinkende Noord Amerikaanse moerasplant. We hebben ze deze vakantie al
eens
eerder gezien, maar nooit geweten dat het deze stinkende moerasplant
was.
Rond
half 11 waren we weer
terug bij de auto en reden we verder richting het
Giant Ceders Trail, onze volgende wandeling. Deze wandeling
bevond
zich in een oeroud bos met enorme reuzenbomen, die soms wel meer dan
800 jaar
oud bleken te zijn. Het pad kronkelde om en rond de woudreuzen heen.
Werkelijk
een prachtig gezicht! Het pad bleek ook al een aantal keren verlegd te
zijn,
want hier en daar zagen we oude vlonders onder omgevallen bomen liggen.
Ook
deze wandeling nam slechts een half uurtje in beslag, zodat we snel
weer verder
konden. Ons
volgende doel was het visitor centre
van de Rogers Pass, maar voordat we
hier
stopten, maakten we eerst even een korte fotostop bij het monument van
de
Rogers Pass. We werden direct beloond met een prachtige Stellers
Jay, die in de dennenboom van de parkeerplaats zat.
Terwijl we de gaai stonden te fotograferen kwam
er een nieuwsgierige Columbian Ground
Squirrel (Grond
Eekhoorn) uit de dennenboom te voorschijn. Twee vliegen in een klap! In
het Rogers Pass Centre

was het behoorlijk druk en werd de geschiedenis van de bouw van de
spoorweg en
de weg over de pas tentoongesteld met diverse foto’s en films.
Rond
half 2 gingen we verder op weg naar Yoho
Nationaal Park. De weg er naar toe
was erg onderhevig aan wegwerkzaamheden, dus we hielden ons hart vast.
Gelukkig
vielen de vertragingen erg mee en waren we na 2 uurtjes rijden al bij Emerald Lake. Vanaf de parkeerplaats
zagen we het prachtige turkooizen water al door de bomen schitteren.
Het was
prachtige windstil, zodat de bergen rond het meer prachtig in het meer
spiegelden. Er bestond een wandeling om het meer en dat leek ons wel
een leuke
uitdaging, zo gezegd zo gedaan. De wandeling nam wel iets meer tijd in
beslag
dan we gedacht hadden, zodat we wederom een lichte achterstand hadden
gecreëerd
op ons schema. Op het parkeerterrein stond een telefooncel, zodat we
meteen
maar besloten om te bellen naar onze B&B om te zeggen dat we
te laat zouden
arriveren.
Vanaf
Emerald Lake was het
een klein stukje rijden naar de Natural
Bridge. De Kicking Horse rivier
heeft hier na eeuwenlange erosie een gat in rotsen gehouwen waardoor er
een 15 meter lange natuurlijke brug
is ontstaan. Het weer was inmiddels bijgetrokken en de zon begon lekker
te
schijnen, zodat we een prachtig plaatje van deze natuurlijke brug met
de 2
reuzen (Mount Dennis en Mount Stephen) op de achtergrond
konden schieten. Het
was als aardig aan de late kant (mede door het tijdsverschil), zodat we
bij het
eenvoudige 'West Louise Lodge'
wat gingen eten. We
hadden beide een burger met
kip en patatjes en het smaakten heerlijk. Rond 8 uur vertrokken we voor
het
laatste stukje naar Canmore.
Onderweg zagen we een prachtige Elk
(Wapiti) langs de weg staan, maar die viel echt pas op het allerlaatste
moment
op zodat we geen tijd hadden voor een foto. Rond
half 10 arriveerden
we pas bij 'Cats Meow' onze B&B. Het was
nog even zoeken, want het huis lag
verstopt in een soort woonwijk, waar alle straten op elkaar leken en
ook
plotseling doodliepen. Snel de spullen op de kamer gezet en nog even
met onze
huisvrouw gekletst alvorens we onder
de douche doken en in bed kropen.