Terug naar dag 4 Home IJsland
Verder naar dag 6


Dag 5: Goðafoss – Námaskarð

Maandag 13 Juni 2005


Uiteraard stond er weer een wekker gepland voor de ochtend en wel om half 8. Aansluitend gingen we lekker ontbijten in het 'Varmahlið'hotel. We werden vergezeld door twee andere Nederlandse echtparen, die met hun eigen auto op stap waren. Een van de twee vond het prachtig om alles over hun tot nu toe gemaakte reis te vertellen. Hij ging zelfs een kaart van zijn kamer halen om het een en ander te laten zien. Na het Turfboerderij Glaumbærontbijt reden we terug naar ons huisje om alle spullen in te laden en onze tanden te poetsen. Nadat we de sleutels hadden ingeleverd bij de zogenaamde receptie, gingen we weer op weg naar ons volgende overnachtingadres in Nafrastaðir. Onze eerste stop was bij een bijzonder mooie turfboerderij uit de 18de en 19de eeuw. Glaumbær lag op ongeveer een kwartiertje rijden vanaf ons huisje. We kochten kaartjes om de boerderij van binnen te kunnen bekijken. We kregen een plattegrond waarop precies stond vermeld wat elke kamer voor bijzonderheden had.

Vanaf Glaumbær reden we in een keer naar Akureyri via de 1. Het was een lange en saaie weg, die we bovendien al kenden van gisteren. Rond kwart voor 12 arriveerden we in Akureyri, waar we allereerst op zoek gingen naar een supermarkt om wat limonade en fruit te kopen. De eerste winkel die we vonden, bleek nog niet open te zijn zodat we verder op zoek gingen. We kwamen uiteindelijk bij een groot winkelcentrum terecht, waar zich ook een enorme supermarkt in bevond. Bij een naburige koffieshop gingen we stiekem snel even plassen. Ondanks dat we geen ijslands konden lezen, wisten we donders goed wat er op het bordje op de toiletten stond: toiletten alleen voor gasten! Via de 828, 832 en de 1 reden we naar de prachtige Goðafoss. Ondanks dat deze waterval vlak bij de ringweg lag, presteerden wij het nog om er voorbij te rijden. Gelukkig konden we onze fout snel herstellen. We namen ruim de tijd om deze prachtige waterval te bewonderen. De  bleek maar een geringe hoogte van 12 meter te hebben en ondanks dat is het toch een van de bekendste watervallen van IJsland. Terwijl we de waterval vanaf de rechterkant (vanaf de weg gezien) bekeken, zagen we mensen aan de andere kant van de rivier lopen. We gingen op zoek naar het pad wat ons naar de overkant zou brengen. Al gauw vonden we een brug en het paadje naar de waterval. Bij deze brug lag overigens nog een kleinere waterval Geitafoss genaamd. De omgeving bestond weer uit zo'n prachtig lavaveld. Bárðardalshraun werd daar 7000 jaar geleden neergelegd door de veel verder landinwaarts gelegen schildvulkaan Trölladyngja. Het uitzicht op de waterval was vanaf deze kant echt veel spectaculairder. Bovendien begon het zonnetje ook nog eens te schijnen wat het natuurlijk nog mooier maakten.

Rond half 4 vertrokken we weer en reden we verder richting onze slaapplaats. Dit keer was de overnachting in een guesthouse, dat net buiten het plaatsje Nafrastaðir in the middle of nowwhere lag. We Goðafossbrachten onze spullen naar de kamer en gingen vervolgens op zoek naar een goede whale watching excursie. We vonden verschillende foldertjes en het meisje bij de receptie hielp ons de beste uit te kiezen en bestelde de kaartjes voor ons. Aangezien het nog lekker vroeg was besloten we naar Námaskarð te rijden, maar we moesten uiteraard eerst nog even wat eten. In Reykjahlið vonden we een gezellig restaurant ‘Gamli Bærinn’ genaamd, waar we heerlijk konden eten. We kozen voor heerlijk lamsvlees met sla en patat (ISK 4290). Na het eten, rond half 7, reden we verder naar Námaskarð waar we het solfatarenveld van Hverir bezochten. We moesten nog wel even zoeken, omdat het gebied nogal groot was aangegeven op de kaart en we dus niet precies wisten waar we moesten zijn. Maar nadat we over de Námaskarðis bergpas reden, zagen we de pruttelde modder- en zwavelbronnen al gauw in het avondzonnetje schitteren. Zo gauw we de deuren van de auto openden, roken we de rotte eierenlucht waar het gebied bekend om staat. We maakten een rondje door het veld over een uitgezet pad. Verschillende plekken waren voorzien van vlonders, omdat de grond daar zo heet was. Het laatste stukje van de wandeling ging langs fluitende en gierende stoom bergen. Er kwam af en toe zoveel stoom uit de grond dat je geen hand meer voor ogen zag. Terug bij de auto wierpen we nog snel een blik op het prachtige veld, dat een bijzondere gloed kreeg door de laagstaande zon. We reden via de andere kant rond het Mývatn weer terug richting huis. Bij het kleine schiereiland Höfði maakten we nog een korte wandeling over het eilandje. Hier hadden we op verschillende plekken een prachtig uitzicht over het meer. Bijzonder aan het eiland was toch wel de flora die bestond uit kleine berkenboompjes. Als laatste voordat we echt huiswaarts keerden, maakten we nog een korte stop bij Skútustaðir. Hier lagen namelijk de mooiste pseudo-kraters van het hele gebeid. De kraters waren ongeveer 2300 jaar oud. Al gauw kregen we het koud en werden we echt moe en wilden we nog maar een ding: naar huis. Het was nog maar een klein stukje rijden, zodat we rond kwart over 9 weer terug waren in Nafrastaðir. Nadat ik lekker gedoucht had, bekeken we nog even wat foto’s op de televisie waarna we echt gingen slapen.



Home Travel photography Nature photography Links E-mail