Terug naar dag 7 Home IJsland
Verder naar dag 9


Dag 8: Nafrastaðir – Faðagofoss

Donderdag 16 Juni 2005

Half 8 ging de wekker en was het tijd om op te staan. Het viel weer niet mee om uit bed te komen, maar de gedachte aan een nieuwe prachtige dag gaf toch wel de doorslag. Een half uurtje later zaten we aan het ontbijt. De zaal zat weer helemaal vol met gasten. Er stond vandaag niet echt veel op het programma. We wilden in ieder geval nog een keer langs gaan bij de Krafla in deturfboerderij Sænautasel hoop dat het nu eindelijk helder zou zijn, maar helaas was het de derde dag op rij vreselijk mistig. We reden verder over de 1 richting Egilsstaðir. Via de oude ringweg (901) reden we door de heuvelachtige hoogvlakte Jökuldalsheiði naar Möðrudalur. De ringweg was hier in 1999/2000 geheel verlegd, waardoor hij meer dagen per jaar begaanbaar is. Möðrudalur is de hoogst gelegen bewoonde boerderij op IJsland (469m) en volgens ons boekje zeker de moeite waard voor een bezoek. Persoonlijk vond ik het niet zo veel bijzonders. Het gebied rond de boerderij was helemaal verlaten na de uitbarsting van de Askja in 1875.


Onze volgende stop was bij de turfboerderij Sænautasel, die we via een spannende F-weg konden bereiken. We hadden er heel wat van verwacht, maar ook dit viel vreselijk tegen. Nadat we de auto hadden geparkeerd, staken we via een bruggetje het water over naar de boerderij. We werden vergezeld door een zwarte hond, die ons de weg wees en de lammetjes bij ons weg hield. We betraden de boerderij, maar er was helemaal niemand te zien. De boerderij was echt een stuk minder indrukwekkend dan Glaumbær. We wilden weer terug naar de auto gaan, toen we opeens een reclame bord zagen staan voor een kopje warme chocolademelk in het Kaffihus. We besloten om naar binnen te gaan. We werden begroet door een oude man en een Duits stelletje. Binnen was het sfeervol bekleed met allerlei zelfgemaakte artikelen, zoals truien, vesten en sjaals. Nadat we hadden genoten van Farðagafossde pancakes, de warme chocolademelk en de fotoboeken, wilden we weer gaan. We vroegen wat we de man verschuldigd waren en dat hadden we beter niet kunnen doen. We moesten ISK 2000 betalen voor de chocolademelk en pancakes, echt belachelijk! 


We moesten nog een klein stukje rijden voordat we weer op de 1 terecht kwamen. Jeroen ging op zoek naar de hoogste brug van IJsland. Hiervoor nam hij de afslag naar Husey. Waarom hij dat deed blijft tot op heden een raadsel, want de brug die waren we inmiddels allang gepasseerd. We hebben hierdoor een heel eind over de 925 voor niets gereden: de grapjas. Om 4 uur arriveerden we in Egilsstaðir, waar we ons 'Edda' hotel in een keer vonden. Nadat we onze spullen op de kamer hadden gezet, vertrokken we met de auto naar Farðagafoss. Via de 93 richting Seyðisfjörður reden we naar een kleine parkeerplaats langs de weg. We parkeerden de auto en begonnen onze klim naar de waterval in de Miðhúsaá-rivier. Het pad was behoorlijk glibberig door de mist, die steeds dikker werd naarmate we hoger kwamen. De wandeling duurde ongeveer 45 minuten en leverde een aardig plaatje op.


Vanaf de parkeerplaats reden we verder naar Seyðisfjörður voor het diner. De weg begon steeds verder te stijgen, zodat we maar heel langzaam vooruit kwamen. Helemaal boven was het zo mistig en besneeuwd, dat we het Heiðarvatn slecht konden zien. Naarmate we verder afdaalden werd het weer helderder en konden we de stad beneden zien liggen. Het was een prachtige weg, waar langs ook diverse prachtige watervallen lagen. In Seyðisfjörður konden we niet echt een fatsoenlijk restaurant vinden, wat bovendien betaalbaar was, zodat we besloten om het hele stuk maar weer terug te gaan. Tot over maat van ramp kwamen we bovenop de pas ook nog eens achter een vrachtwagen terecht, die vreselijk langzaam reed. We konden er niet voorbij omdat het nog steeds vreselijk mistig was en we niet verder dan 3 strepen op de weg konden zien. Gelukkig gaf de vrachtwagen op een gegeven moment het sein veilig zodat we er langs konden. Terug in Egilsstaðir gingen we op zoek naar eten. Eerst bij een 'Shell'station, later bij een ander restaurant waar niemand was en als laatste in het hotel, maar daar was een zeer beperkte kaart. We besloten om toch maar in het 'Shell'station een pizza te eten. Uiteindelijk een goede keus, want we kozen een heerlijke Hawaipizza van ‘’16 en kregen er een 2 liter fles Pepsi gratis bij (ISK1750). Na het eten hebben we gelijk even de auto gewassen en toen bleek ineens dat we een witte auto hadden. Voordat we terug gingen naar het hotel, reden we nog even een klein rondje door de stad maar dat was niet veel zodat we snel weer in ons hotel waren.



Home Travel photography Nature photography Links E-mail